Categorie: Verhalen

Slapende voeten wakker maken

Slapende voeten wakker maken

Ik voel mijn benen en voeten niet meer. Of toch wel, ze prikken. Het is net of er mieren door mijn voeten kruipen. Ze kriebelen allemaal door elkaar en rennen heen en weer. Ze hebben een mierennest in mij gemaakt. Papa zegt dat je voeten dan slapen. Dat is raar, hoe kunnen die nou slapen?

Mijn benen zitten klem in de lichtgele zitzak. Ik wil eruit klimmen om ze wakker te maken, maar ik zak weg in de zak. Ik druk me op mijn handen omhoog, wiebel met mijn billen. Als ik beweeg zie ik kleine witte balletjes uit een heel klein gaatje rollen. Volgens mij zijn het er wel duizend. Mama noemt ze piepschuimpjes. Maar je kunt ze niet eten. Dat heb ik een keer geprobeerd en dat was vies. Ik probeer de balletjes te vangen, maar ze blijven plakken aan de gele zitzak. Als er een aan mijn vingers blijft kleven, knijp ik hem fijn tussen mijn nagels. Ik schiet hem weg, naar mijn grote broer Sam die net als ik in een zitzak tv zit te kijken. Mis. Hij kijkt niet op. Hij kijkt alleen maar.

We hebben ons vanochtend geschminkt en verkleed als clowns. Dat is grappig, want dan zie je er gek uit en we moesten heel hard lachen. Papa en mama ook. Sam zit net als ik met zijn benen in de zitzak gestoken. Zo zitten we altijd als we tv kijken. Het gaat eigenlijk vanzelf, we kruipen in een nestje. Het ziet er gek uit, net of hij vanaf zijn billen uit een oliebol steekt.

Ik heb dorst, maar durf niet naar de keuken. Daar zitten papa en mama. Ze maken ruzie. Dat weet ik, want mama schreeuwt. Papa roept godverdomme. Eigenlijk versta ik niet goed wat er op tv gezegd wordt. Ik hoor steeds de stemmen van papa en mama er doorheen. Soms praten ze zacht, soms schreeuwen ze, maar ik begrijp niet wat ze zeggen. Ik hoor alleen de naam van de buurvrouw. Ik kruip weer weg in de zitzak. In mijn eigen mierennest. Mijn voeten prikken. Ik heb dorst. Mijn neus jeukt. Ik veeg over mijn gezicht en schrik. Er zit een rode streep op mijn hand. Ik heb mijn lach weggeveegd. Het is zaterdag. Het is elke zaterdag.

Zeep

Zeep

Jannie had haar linkerarm door die van Bets gestoken, in de andere hand klemde ze stevig een vaal rieten mandje vast. Gruwelijk koud was het, bijna net zo koud als die laatste oorlogswinter, verleden jaar. Gestoken in dunne bruine kousen wrongen haar voeten zich pijnlijk tegen het strakke leer van te kleine schoenen. Haar hoofddoekje, gemaakt van een kleurloze lap die moeder god weet waar had opgeduikeld, was dun als vloeipapier en niet bestand tegen de gekartelde oostenwind.

“Zouden ze zeep hebben?” zuchtte Bets verlangend. De straten waren bekleed met witte wol, zacht en aaibaar de contouren van de huizen. Een flard vioolmuziek klonk van verderop in de straat. Jannie zag een donker silhouet lomp afsteken tegen het wit. Wie stond er in dit weer nu buiten te spelen? Zagend kwam het geluid dichterbij, een melodie kon je het niet noemen. Het kloeg, en klauwde zich in haar oren. Ze huiverde. Dichterbij gekomen leek de violist niet meer dan een mager karkas, grotesk opgetuigd met een sierlijke hoed. Snel draaide ze haar hoofd weg. Was dat Simon Presser? Kon dat? Haar wangen begonnen te gloeien terwijl haar voeten plotseling gevoelloos werden.

De antiekwinkel van de familie Presser verderop in haar straat kwam haar weer voor ogen. Ze had er vroeger altijd voor de ramen staan kijken naar de zilveren kandelaars, er had ook een viool in de etalage gelegen. Tot die ene avond het gebonk van geweren op de voordeur had geklonken en een stem blafte: “Aufmachen! Wo sind sie?!” Haar vinger had getrild toen ze naar de winkel wees. “Danke schön, Fraulein,” grijnsde de commandant, waarna het groepje voort stampte tot aan het zeventiende-eeuwse pand met de sierlijke krulletters op de ruit. Snel had ze de voordeur gesloten, haar hart even luid bonkend als de soldatenlaarzen op straat. Toen het gerinkel van glas en een hoog gegil. Van Esther, dacht ze. De wegrijdende vrachtwagen had de huizen doen trillen. Daarna was de stilte ijzig neergedaald over de straat, een stilte die nog immer voortduurde.

Snel keek Jannie nog een keer om naar de violist. Ze greep haar hoofddoekje en trok het strakker over haar hoofd. De stof scheurde, maar ze merkte het niet. Ze versnelde haar pas en trok Bets mee, die haar verbaasd aankeek.
“Ik zou een moord doen voor een stukje zeep,” zei Jannie.

Partij voor de Dieren

Partij voor de Dieren

Schijten moet ik. De hele ochtend al. Echt, wanneer schiet dat mens nou eens op. Denkt ze ook eens aan mij? Nee, eerst nog een bakkie koffie. Dan nog even naar de wc. Zij wel. Eigen poep eerst zeker. Lekker dan. Ik wiebel. Ik draai. Pakt ze eindelijk de riem, belt haar zuster. Nou, dan weet je het wel. Ondertussen begin ik rondjes te draaien om haar benen, maar daar heeft ze geen boodschap aan. Dag, ja, doei, hang nu maar op.

Daar gaan we dan. Ik schiet langs haar heen de stoep op, de behoefte neemt het voortouw. Ze trekt hard aan de riem, met een ruk kom ik tot stilstand. Ik begin een beetje te huppelen en te piepen, mag ik nou eindelijk? Hoezo moet ik me niet aanstellen? O nee, daar komt de buurvrouw. Dat duurt weer een uur. Ik houd het niet meer, draai rondjes om mijn as. Net als ik dan maar midden op de stoep wil gaan kakken, krijg ik weer een ruk. Niet hier?! Waar dan? En vooral wanneer?! Ik trek aan de lijn, richting het plantsoentje. Ruik het heerlijke geurtje van Benno al. Voordat ik met mijn snuit in al dat heerlijks kan snuffelen, sleept ze me de weg op. Mijn buik schuift over de koude grond. Nee, laat me! O god, ik houd het niet meer. Eerst stemmen, zegt ze. Hoezo eerst stemmen? Eerst poepen!

Sta ik daar nu te stuiteren in dat verdomde stemlokaal. Hier kan ik toch niet met goed fatsoen… Nergens een hoekje. Laat haar opschieten alsjeblieft. Ah, het rondje is rood. Mooi, kunnen we dan nu…? O, nog een biljet. Mensen alsjeblieft, ik sta te trillen op mijn pootjes. Schijtziek word ik hier van. Wat, een derde biljet? Ik kan niet meer, ik moet… de aandrang is te groot. Het gaat vanzelf, ik kan het niet meer tegenhouden. Daar gaat ie.

Een dame begint te gillen. Waar kan ik me verstoppen? Sorry mensen… echt. Ik heb het geprobeerd. En dat stemt Partij voor de Dieren.

Bron foto: ANP